Het licht op de collectie

Het licht op de collectie

VLC Live | maart 2017 - Gepubliceerd door Erik Kussendrager

In de week dat directeur Axl Rüger voor het Van Gogh Museum eindelijk de in 2002 gestolen schilderijen in Napels kon ophalen, werd in het Van Gogh Museum een thema-avond gewijd aan het beschermen van kunstcollecties. Denkt u aan de fiscale aspecten van kunstbezit (Van Lanschot Bankiers) en het verzekeren van kunstcollecties (Van Lanschot Chabot). Het magnum opus van de avond was de presentatie van Kees van den Meiracker. Hoofd van de afdeling Collectiebeheer en Restauratie van het Van Gogh Museum.

Door zijn verhaal werd snel duidelijk dat de grootste bedreiging voor de collectie niet de schimmige figuren zijn die het, in het holst van de nacht, op de schilderijen hebben voorzien. Nee, de grootste bedreiging voor De Zonnebloemen en De Aardappeleters verschaft zich toegang tot het museumgebouw op klaarlichte dag. Hiertoe wordt onopvallend een kaartje gekocht of routineus met de museumjaarkaart gezwaaid. Het grootste risico voor de beroemde doeken bent u namelijk zelf, de museumbezoeker.

Samen met uw miljoenen collega-vandalen ademt, zweet en dampt u in de museumzalen jaarlijks een tropisch zwemparadijs aan vocht bij elkaar. Daarbij wilt u de werken natuurlijk goed kunnen zien. Daarom worden de schilderijen zo goed mogelijk getoond en belicht. De ideale belichting is vanzelfsprekend dát licht dat de befaamde woeste verfstreken, materialiteit en de felle kleuren alle recht aan doet. Het resultaat van uw liefde voor kunst is dus dat de museumcollectie dag in dag uit wordt blootgesteld aan vocht, zuurstof en licht. En die continue inwerking is op termijn desastreus. De kwaliteit van de doeken en de verf wordt aangetast en kleuren verbleken.

Overigens hoeft u zich hierover niet al te schuldig te voelen. Van Gogh zelf heeft ook zijn duit in het zakje gedaan wat betreft de kwetsbaarheid van zijn werk. Onze plein-air schilderende vriend was wars van het gebruik van vernis. Daarnaast gebruikte hij pigmenten die niet berust waren op het doorstaan van de tand des tijds. Berucht is zijn gebruik van organisch gemaakt rood pigment. Inherent aan dit materiaal is dat de kleur langzaam wegtrekt van lichtrood naar roze, naar bijna wit. Heeft u zich ooit afgevraagd waarom het portret Dr. Gachet zulke bleke lippen heeft?

Het was daarom fascinerend om op deze avond te horen hoe de afdeling Collectiebeheer en Restauratie van het Van Gogh Museum de risico’s van teloorgang van de schilderijen beperkt. In het bijzonder de wijze waarop wordt getracht de schilderijen te presenteren met de allerminste blootstelling aan licht. Zo beschikt het museum over zeer geavanceerde museale verlichting met minimale inwerking op de kunstwerken. Nog minder licht in de zalen zou ideaal zijn, maar dan heeft u niets meer om te zien. Toch moet er op de lange termijn een oplossing komen. Want ook de specialistische verlichting zal de komende decennia zijn sporen gaan nalaten in het Korenveld.

Spectaculair is daarom het onderzoek in samenwerking met ASML om met lasertechnologie de schilderijen indirect en toch levensecht te tonen. Of dat een risico wordt voor de authentieke kunstbeleving moet blijken. Maar sta bij u volgende museumbezoek vooral eens stil bij de formidabele inspanning die wordt geleverd om collecties te beschermen én aan u te presenteren.

Blogger Erik Kussendrager

Als kunsthistoricus kent Erik Kussendrager de kunstwereld van binnenuit. Hij specialiseerde zich in moderne- en hedendaagse kunst, maar ook de oude meesters zijn verankerd in zijn professionele bagage.
Hij is regelmatig bij exposities, kunstbeurzen en private views en een goede gesprekspartner voor kunstliefhebbers. Voorheen werkzaam in de kunsthandel en private banking, maakte hij recent de overstap naar Van Lanschot Chabot waar hij deel uitmaakt van het team Private Insurance. Hier adviseert hij klanten op het gebied van verzekeren van kunstcollecties en verzamelingen. In zijn blogs neemt hij u graag mee in de wereld van kunst en kunstbeleving.